De Librije tussen katholiek en protestant

 

GewichtBijbel-webDe groeiende ontevredenheid over de misstanden in de kerk wordt doorverschillende mensen op papier gezet. De Duitse monnik Luther en de Fransman Calvijn zijn de belangrijkste critici. LutherCalvijn erkent de paus niet meer. Beelden in de kerk acht hij overbodig. De algemene ontevredenheid neemt toe. De Librije wordt gebouwd in een tijd waarin de kritiek op de katholieke kerk steeds openlijker wordt geuit. Kerkmeester Berner heeft hiervoor echter geen belangstelling, want hij schaft vooral boeken aan die door de katholieke kerk als 'goed katholiek' beschouwd worden.

Een duidelijk beleid tegen de ketterse veranderingen. Er zijn teksten in te vinden die gericht zijn tegen de kerkhervormers. Een paar daarvan zijn in de volkstaal, wat bijzonder is, want aile andere boeken zijn geschreven in het Latijn.

Hoewel de Librije een katholieke bibliotheek is, zijn er ook boekbanden met daarop de gestempelde portretten van de hervormers, zoals Maarten Luther, en van Desiderius Erasmus. De banden zijn gemaakt door Vincent van Russenborch uit Deventer. Deze boekbinder staat positief tegenover de hervorrmingsideeen. Als hij in 1564 een hervormde prediker in zijn huis laat preken, moet hij de stad verlaten. Hij mag nooit meer terugkeren.

De Spaanse koning Filips, heerser over de Nederlanden, wil rond 1560 de macht van de adel en de steden verder beperken. Over het strenge bestuur is vooral de adel niet te spreken. In het zuiden worden na een hagepreek de toeehoorders zo opgewonden dat ze de katholieke kerken binnendringen en de boel kort en klein slaan. Een beeldenstorm! Deze beeldenstorm maakt Filips woedend. Hij stuurt Alva naar de opstandige Nederlanden om orde op zaken te stellen en stelt een schrikbewind in. Protestanten worden hard aangepakt.

CalvijnIn de periode tussen 1572 en 1591 heeft de stad Zutphen zwaar te lijden onder de strijd tussen de Spaanse en Staatse troepen. De stad wordt een aantal malen ingenomen, geplunderd en gebrandschat, nu eens door de Spanjaarden, dan weer door de Staatse troepen. De Librije blijft daarbij niet gespaard. In 1572 ziet kerkmeester Berner de bui al hangen. Uit voorzorg laat hij de kerkschatten verstoppen en de deuren van het kapittelhuis en de oude liberie dichtmetselen. Het mag niet baten. De kerkschatten worden alsnog opgeeist, de dichtgemetselde deuren door de Geuzen opengebroken en uit de oude liberie worrden verschillende boeken, die daar lagen te wachten om te worden gebonden, geroofd. Het is niet helemaal duidelijk of men ook de nieuwe Librije aan een kritisch bezoek onderworpen heeft, maar het ligt voor de hand om te veronderstellen dat de Geuzen ook daar binnen geweest zijn en wellicht boeken meegenomen hebben. De anders zo zorgvuldige Berner meldt niet welke boeken er gestolen zijn. Wel schrijft hij boos en treurig over de Geuzen, dat hij niet kan merken dat het 'evangelische luiden' zijn, want" ... ik ben een man tussen de 76 en 77 jaar, en heb vele predikanten gehoord in mijn leven, maar nog nooit hebben zij mij de leer verkondigd dat ik andere mensen geweld moest aandoen en beroven uan het hunne".